34. Een streep in de kantlijn

34

Een streep in de kantlijn

Julian van der Wouden·9 min leestijd

Je reden om te leven bouw je op uit alles waar je echt voor gaat.

Zo vat ik een passage samen uit een krantencolumn die ik heb bewaard. De psycholoog die hem schreef, had het over een vraag die bijna iedereen zich ooit stelt, vaak ’s avonds laat: wat heeft het leven voor zin als we toch allemaal doodgaan?

En dan?

Rond zijn vijftigste had de Russische schrijver Leo Tolstoj, van Oorlog en vrede en Anna Karenina, wat de meeste mensen een vol leven zouden noemen. In zijn eigen woorden: een goede vrouw die van hem hield, goede kinderen, een groot landgoed en een beroemde naam.

Toen kreeg hij een vraag niet meer uit zijn hoofd. Als hij het werk op zijn land plande, dacht hij ineens: goed, straks heb je zo’n 6.500 hectare grond en driehonderd paarden, en dan? Dacht hij aan de roem die zijn boeken hem zouden brengen, groter dan die van de Engelse toneelschrijver Shakespeare, dan kwam dezelfde vraag in een andere vorm terug: en wat dan nog?

Zwart silhouet van een man die midden in een stap blijft staan in een open veld, met ver achter hem een kudde paarden, onder een sterrenhemel
Land tot aan de horizon en driehonderd paarden. Waarvoor het was, kon Tolstoj nog steeds niet zeggen.

Hij schreef het allemaal op in A Confession (Een bekentenis), een kort boek over die jaren. Hij stelt zijn vraag daarin op verschillende manieren. Eén ervan is de vraag waar dit artikel over gaat: ‘Is er een zin in mijn leven die niet wordt vernietigd door de onvermijdelijke dood die op mij wacht?’

Hij schreef ook dat hij eerst moest weten waarom hij iets deed, voordat hij het kon doen. Het landgoed, de opvoeding van zijn zoon, het volgende boek: zolang hij het waarom niet wist, kon hij niets.

Waarom voelt het leven zinloos als je weet dat je doodgaat?

Omdat je dan meet wat je doet aan wat blijft. Tolstoj deed dat met zijn land, zijn paarden en zijn roem, en elke keer zag hij dat er na zijn dood niets van over zou blijven. Moet de zin je overleven, dan telt niets wat je doet. Zo gesteld heeft de vraag geen antwoord.

Flarden van een antwoord

De Nederlandse psycholoog René Diekstra schreef een krantencolumn met de titel Flarden van het mens-zijn. Daarin geeft hij toe dat hij nog altijd geen definitief antwoord heeft op de vraag wat je moet zijn om een mens te zijn. Hij heeft ‘hoogstens flarden van een antwoord’.

Eén flard gaat over het heelal. Als mens, schrijft hij, moet je bereid zijn te leven in een heelal dat volstrekt kil en volstrekt onverschillig tegenover je staat. Voor zover er van enige warmte of goedheid sprake kan zijn, moet die van jezelf komen en van de mensen om je heen.

In mijn exemplaar van het knipsel staat bij drie passages een kort pennenstreepje in de kantlijn. Naast het middelste staat zijn passage over de dood: gezond omgaan met de onvermijdelijkheid van de dood betekent verdragen dat er altijd spanning zal zijn tussen de wens te blijven bestaan en het besef dat dat niet kan. Daarover schreef ik eerder het artikel Je bent er nog niet klaar mee.

De laatste passage die ik aanstreepte, luidt:

En vooral beseffen dat het hoofd bieden aan de fundamentele zinloosheid van het leven betekent dat we de zin vooral moeten ontlenen aan datgene waarvoor wij ons actief inzetten.

Diekstra begint waar Tolstoj vastliep. Hij gaat ervan uit dat het leven uit zichzelf geen zin heeft. Daarna zoekt hij die zin in wat je doet.

Zo draait hij de volgorde van Tolstoj om. Tolstoj wilde eerst de reden en dan pas het werk. Bij Diekstra komt het werk eerst, en daar vind je de reden.

Wat bedoelt Diekstra met je actief inzetten?

Hij werkt het in de column niet verder uit. Zich ergens actief voor inzetten is in gewone woorden: er echt tijd en moeite in steken, voor een mens, een taak of een zaak. Over hoe dat voelt, zegt zijn passage niets. Het gaat over wat je met je dagen doet, en daar legt hij de zin neer.

Wat 397 mensen zeiden over hun dagen

Is dat alleen een mooie gedachte? In 2013 publiceerde de Amerikaanse psycholoog Roy Baumeister met drie collega’s een onderzoek dat er dicht in de buurt komt. Ze wilden weten waarin een zinvol leven verschilt van een gelukkig leven.

Er deden 397 volwassenen mee, tussen de 18 en 78 jaar. Binnen een maand vulden ze drie keer een vragenlijst in op internet: aan het begin, een week later en een maand na de eerste keer. Met een cijfer van 1 tot 7 gaven ze aan hoe sterk ze het eens waren met uitspraken als ‘Over het algemeen vind ik mijn leven zinvol’ en ‘Over het algemeen vind ik mezelf gelukkig’.

Ook beantwoordden ze vragen over hun leven. Hoe gezond waren ze? Hadden ze genoeg geld voor wat ze nodig hadden? Hoe vaak maakten ze zich zorgen? Zagen ze zichzelf eerder als gever of als nemer? En hoeveel tijd gaven ze aan de zorg voor kinderen?

Geluk en zin gaan vaak samen, dus de onderzoekers bekeken ze elk apart.

Sommige dingen hingen alleen met geluk samen. Wie zich gezonder voelde, was gelukkiger. Met hoe zinvol mensen hun leven vonden, had hun gezondheid niets te maken. Genoeg geld hebben voor wat je nodig hebt, liet hetzelfde patroon zien.

Zin hing met andere dingen samen. Wie zichzelf een gever vond, vond zijn leven zinvoller. Bij ouders gold: hoe meer tijd ze aan de zorg voor hun kinderen gaven, hoe zinvoller ze hun leven vonden. Met hoe gelukkig ze waren, had die tijd geen verband.

Zwart silhouet van een volwassene die op één knie de veter strikt van een klein kind, onder een sterrenhemel
Bij de ouders in het onderzoek ging meer van dit soort tijd samen met een zinvoller leven.

Ook zorgen en stress hingen samen met zin. Wie zich vaker zorgen maakte en meer stress had gehad, vond zijn leven zinvoller en was minder gelukkig. De uitleg van de onderzoekers: ben je diep betrokken bij iets moeilijks dat verder reikt dan jezelf, dan heb je meer om je zorgen over te maken.

Een vragenlijst laat zien wat samengaat. Wat de oorzaak is, kun je er niet uit halen. Toch past het patroon bij de passage van Diekstra. Zin dook op waar mensen moeite deden voor iets buiten zichzelf, of dat op dat moment nu fijn voelde of niet.

Wat vond het onderzoek over gezondheid, geld en geven?

In het onderzoek van Baumeister onder 397 volwassenen hoorden een goede gezondheid en genoeg geld bij meer geluk, en maakten ze weinig uit voor hoe zinvol mensen hun leven vonden. Jezelf als gever zien, anderen helpen en, bij ouders, tijd voor de kinderen gingen samen met een zinvoller leven.

Een pen en je afgelopen week

De volgende oefening komt voort uit de passage van Diekstra, en geen onderzoek heeft hem getest. Je hebt een pen nodig en je agenda.

Hoe vind ik zin in mijn leven als ik er niets van voel?

Begin bij wat je doet, want daar zoekt Diekstra het. Loop de afgelopen zeven dagen door in je agenda of op je telefoon. Zet een kort streepje bij elk uur dat je aan iemand of iets buiten je eigen gemak hebt gegeven. Oordeel nog niet over die uren. Tel alleen de streepjes.

Wat doe ik met die streepjes als ik ze heb geteld?

Kies het uur waar je de meeste moeite voor deed, en vraag je af of je het opnieuw zou doen. Zo ja, geef het deze week bewust nog een uur. Staat er in je week geen enkel streepje, kies dan één mens of één taak en geef die dat uur.

Fijn voelen hoeft het niet. In het onderzoek van Baumeister gaven mensen ook aan hoe vaak ze zich goed voelden, en dat had geen verband met hoe zinvol ze hun leven vonden.

Wat het uur ermee te maken heeft

Ik bouwde Last Hour Experience als één uur dat je alleen doorbrengt, met een koptelefoon op, alsof het je laatste is. In dat uur krijg je vijftien vragen die jij nog nooit hardop aan jezelf hebt gesteld, en tegen het einde kun je een afscheidsbrief schrijven, aan wie je maar wilt. De naam die je bovenaan die brief zet, zegt iets over waar jij echt voor gaat. Aan wie zou jij hem schrijven?

Vragen die mensen stellen. Eén van die mensen ben ik.

Kun je zin in je leven vinden zonder geloof?

Het antwoord van de Nederlandse psycholoog René Diekstra heeft er geen geloof voor nodig. Zijn passage over zin noemt geen geloof en geen God. Hij legt de zin bij datgene waarvoor iemand zich actief inzet, en dat kan iedereen, gelovig of niet. De Russische schrijver Leo Tolstoj vond zijn eigen antwoord wel in het geloof.

Zijn gevers gelukkiger dan nemers?

Niet in het onderzoek dat de Amerikaanse psycholoog Roy Baumeister en collega’s in 2013 publiceerden, onder 397 volwassenen. Mensen die zichzelf een gever vonden, vonden hun leven zinvoller. Bij geluk wees de uitkomst iets de andere kant op, naar de nemers, al was dat verschil te klein om zeker van te zijn.

Is de zin van het leven voor iedereen anders?

Volg je Diekstra, dan wel, want waar iemand zich actief voor inzet, verschilt van leven tot leven. Het onderzoek van Baumeister werkte ook zo. De onderzoekers lieten mensen zelf bepalen wat een zinvol leven voor hen was, in plaats van ze een definitie te geven.

Waarom zou piekeren bij een zinvol leven horen?

In het onderzoek van Baumeister vonden mensen die zich vaker zorgen maakten hun leven zinvoller, en zichzelf minder gelukkig. Volgens de onderzoekers komt dat piekeren voort uit diepe betrokkenheid bij dingen die verder reiken dan jezelf en dan vandaag. Hoe meer je om iets geeft, hoe meer er mis kan gaan.

Bronnen

Een column over mens-zijn van de Nederlandse psycholoog René Diekstra, online verschenen in het Haarlems Dagblad, een Nederlandse krant. De citaten en de pennenstreepjes komen uit het knipsel in mijn eigen verzameling.

A Confession van de Russische schrijver Leo Tolstoj, in de Engelse vertaling van Aylmer Maude. Je leest het online bij een vrijwilligersproject dat oude boeken uitgeeft waarop geen auteursrecht meer rust. De Nederlandse zinnen in dit artikel heb ik zelf uit die Engelse vertaling vertaald.

Het onderzoek uit 2013 onder 397 volwassenen naar geluk en zin van Roy Baumeister, Kathleen Vohs, Jennifer Aaker en Emily Garbinsky, in The Journal of Positive Psychology, een wetenschappelijk tijdschrift over wat een leven goed maakt. De uitspraken uit de vragenlijst heb ik zelf vertaald.

Je bent er nog niet klaar mee, mijn eerdere artikel over de passage over de dood uit dezelfde column.

  • Eén filmisch uur, alleen, waarin je je eigen laatste uur beleeft. Daarna een gids die je inzichten omzet in keuzes.
  • Eén aankoop. Elk jaar terugkeren. Geen abonnement.
  • Jarenlang ontwikkeld, van live seminars met echte kisten naar dit uur thuis.
  • Raakt je eerste uur je niet? Ik betaal je volledig terug. Eén e-mail is genoeg.

Veilig afrekenen. Direct toegang.