Hij weet het niet. Bijna niemand herkent dat uur terwijl hij erin zit. Je kunt de vraag dus alleen van tevoren stellen: als je het wist, waar zou je je dan niet meer druk om maken?
Achthonderd Amerikanen, één vraag
Wat zou ik loslaten als ik nog maar een uur te leven had?
Waarschijnlijk vooral het nieuwe. De laatste update, de volgende nieuwskop, die interessante onbekende. Lijkt het einde dichtbij, dan kiezen mensen voor wie ze al liefhebben, en dat is gemeten. Een onderzoek uit de eerste maanden van de pandemie laat zien dat het op elke leeftijd gebeurt.
Wat vroegen de onderzoekers?
Met wie mensen een vrij half uur zouden doorbrengen. In april en mei 2020, tijdens de eerste grote coronagolf in de Verenigde Staten, beantwoordden ruim achthonderd Amerikanen tussen 18 en 93 jaar die vraag in een online vragenlijst. Vooraf lazen ze een paar nuchtere zinnen over het nieuwe coronavirus.
Achter het onderzoek zaten Li Jiang, onderzoeker aan de George Washington University in de Amerikaanse hoofdstad Washington, en Laura Carstensen, psycholoog aan Stanford University in Californië, die deze vraag sinds 1990 in steeds nieuwe vormen stelt. Zo luidde de vraag, hier vertaald:
Stel je voor dat je een half uur vrij hebt, zonder iets dringends te hoeven doen. Je hebt besloten dat je die tijd met iemand anders wilt doorbrengen. Stel dat de volgende drie mensen beschikbaar zijn voor een online gesprek: met wie zou je die tijd doorbrengen?
De drie waren iemand uit je naaste familie die je een tijd niet hebt gezien, een nieuwe kennis met wie je veel gemeen lijkt te hebben, en de schrijver van een boek dat je hebt gelezen.
Eén iemand van wie je houdt. Twee die je iets nieuws kunnen geven.
Wie kozen de mensen?
Het familielid, op elke leeftijd. In april koos 66 procent van de mensen tussen 18 en 35 jaar daarvoor, tegen 77 procent van de zestigplussers. In mei antwoordde een nieuwe groep, en werd het 65 tegen 72. Tussen jong en oud vonden de onderzoekers geen echt verschil.
Waarom is dat opvallend?
Omdat jonge mensen meestal anders kiezen. In eerdere onderzoeken met een versie van deze vraag verdeelden zij hun keuze over alle drie, en waren het vooral ouderen die voor familie kozen. In het voorjaar van 2020 kozen mensen onder de 35 bijna zoals zestigplussers.
In de tweede ronde konden mensen ook opschrijven waarom ze zo kozen. De meesten schreven dat familie hun rust en een beschermd gevoel gaf. Jongeren die één iemand noemden, noemden het vaakst hun man of vrouw.

Toen de vaccins kwamen
Hield dat stand?
Nee, en dat is de tweede helft van de uitkomst. In maart 2021, een paar maanden na de eerste vaccins, stelden de onderzoekers de vraag aan een nieuwe groep. Nu koos 58 procent van de jongste groep het familielid, tegen 73 procent van de zestigplussers. In juni was het 51 tegen 71.
Ouderen kozen ongeveer zoals eerst. Jongeren gingen terug naar de kennis en de schrijver.
De onderzoekers lezen het zo: de pandemie bracht het einde van het leven voor alle leeftijden in beeld, ook voor jongeren. Toen een lange toekomst door de vaccins weer waarschijnlijk werd, zochten jongere mensen weer het nieuwe op.
Gaat het echt om tijd en niet om leeftijd?
Dat toetst Carstensen al sinds 1990. Jongeren die zich voorstelden dat ze binnenkort in hun eentje naar de andere kant van het land verhuisden, zonder familie of vrienden, kozen net als ouderen het vertrouwde gezicht. Ouderen die zich een medische doorbraak voorstelden die hun ongeveer twintig jaar extra gaf, kozen niet langer vooral het vertrouwde.
De keuze volgt de tijd die je denkt te hebben, meer dan je leeftijd.
Het nieuwe in je hand
Kijk naar de twee die het in 2020 aflegden. Iemand nieuws die veel op je lijkt. De schrijver van een boek dat je hebt gelezen. Nieuw gezelschap, nieuwe ideeën, een gesprek dat alle kanten op kan. Dat is ongeveer waar je naar zoekt als je zonder reden je telefoon pakt.
Ik schreef ooit een kort stuk tekst over die trek, met de titel De kracht van het missen. Het begint bij het gevoel dat je altijd ‘aan’ moet staan, alsof je iets mist zodra je even niet kijkt, niet reageert, niet deelt. Daar bestaat een Engelse afkorting voor: FOMO, van fear of missing out, de angst om iets te missen. Daarna draaide ik het om, naar JOMO, van joy of missing out, het plezier van het missen:
Niet alles hoeven delen.
Niet altijd bereikbaar.
Zo lees ik het onderzoek. Toen het einde dichterbij leek, lieten mensen als eerste het nieuwe los, precies waar een snelle blik op je telefoon voor is. Niemand had ze erom gevraagd.
Wat is JOMO, het plezier van het missen?
JOMO is FOMO omgedraaid. Bij FOMO blijf je kijken, bang dat er iets gebeurt zonder jou. Bij JOMO laat je het zonder jou gebeuren, en dat is een opluchting. Je kiest zelf wat je mist, en je geeft je aandacht aan wie of wat er voor je neus is.
Waarom zou een einde veranderen wat ik belangrijk vind?
Omdat het nieuwe vooral later iets oplevert. Een nieuwe kennis of een nieuw idee is een investering in een toekomst die je verwacht te hebben. Wordt die toekomst korter, dan telt wat nu al iets betekent. Zo legt Carstensen het uit, en het onderzoek uit 2020 past daarin.
Hier zit de angel in de zin waarmee ik begon. Niemand krijgt te horen welk uur het laatste is. Wie nu op zijn telefoon kijkt, kiest zoals iedereen kiest die denkt nog tijd genoeg te hebben.
Wil je kiezen zoals mensen in 2020, dan moet je dat doen voordat je er een reden voor hebt.
Voordat je je tijdlijn opent
Wat doe ik als ik weer naar mijn telefoon grijp?
Leen de vraag uit het onderzoek. Pak je je telefoon zonder dat je iets bepaalds wilt doen, vraag jezelf dan af met wie je een vrij half uur zou doorbrengen. Is dat iemand van wie je houdt, bel of app die persoon dan in plaats van je tijdlijn te openen. Hiervoor heb je één naam nodig en de telefoon die je al vasthoudt.
Ook het half uur in het onderzoek was een online gesprek. Wat mensen kozen, was de persoon aan de andere kant.

En als ik degene die ik zou kiezen uit het oog ben verloren?
Dan zit je dicht bij de keuze die de meeste mensen in 2020 maakten: familie die ze een tijd niet hadden gezien. Een kort bericht is genoeg om te beginnen. Je hoeft de stilte niet uit te leggen en ook geen half uur te vullen.
Een uur op Niet storen
Voordat de Last Hour Experience begint, vraag ik je Niet storen aan te zetten, de instelling op je telefoon die oproepen en meldingen tegenhoudt. Ongeveer een uur lang komt er niets nieuws binnen: geen update, geen nieuwskop, geen bericht van iemand die je amper kent. Tegen het einde schrijf je een afscheidsbrief, aan wie jij kiest. Het is de vraag uit het onderzoek nog één keer, met het einde in zicht. Van iedereen aan wie je zou kunnen schrijven, wie wordt het?
Vragen die mensen stellen. Eén van die mensen ben ik.
Bewijst dit dat mensen voor familie kiezen als ze aan de dood denken?
Niet op zichzelf, en dat zeggen de onderzoekers er zelf bij. Ze hadden geen meting van vlak voor de pandemie, en ze vroegen mensen niet hoeveel tijd ze dachten nog te hebben. Het patroon klopt wel met wat de psycholoog Laura Carstensen in eerdere onderzoeken met versies van dezelfde vraag vond.
Kiezen ouderen vaker voor familie dan jongeren?
Meestal wel. Zestigplussers kozen in elke ronde het vaakst het familielid, tussen 71 en 77 procent van hen. Wat in 2020 veranderde, is dat jongeren net zo kozen. In andere onderzoeken kozen ouderen die zich een langere toekomst voorstelden juist meer zoals jongeren.
Is het verkeerd om nieuwe mensen en ideeën te willen?
Nee. De onderzoekers zien die trek als nuttig zolang de toekomst lang is, want nieuwe mensen en nieuwe kennis leveren jarenlang iets op. Het wordt pas een punt als je er een half uur aan besteedt dat je liever aan iemand anders had gegeven.
Wat als er geen familie is met wie ik wil praten?
Denk dan aan degene die je het meest na staat. In haar overzicht van het onderzoek beschrijft de Amerikaanse psycholoog Laura Carstensen die keuze als een goede vriend of een familielid: iemand die al iets voor je betekent. Kies degene die je het liefst aan de andere kant zou hebben.
Bronnen
COVID-19 reduced age differences in social motivation, in het Nederlands: corona verkleinde het verschil tussen jong en oud in de keuze met wie mensen tijd willen doorbrengen. Het onderzoek is van Li Jiang van de George Washington University en Laura Carstensen van Stanford University, verschenen in Frontiers in Psychology, een wetenschappelijk tijdschrift dat iedereen gratis online kan lezen. De vraag over het half uur, de drie mensen, de vier rondes van april 2020 tot juni 2021, alle percentages en de redenen die mensen opschreven komen daaruit.
Choosing social partners, in het Nederlands: gezelschap kiezen. Het onderzoek uit 1990 van de psychologen Barbara Fredrickson en Laura Carstensen, in Psychology and Aging, een Amerikaans tijdschrift over hoe mensen veranderen als ze ouder worden. Daarin kozen 380 mensen tussen 11 en 92 jaar tussen iemand vertrouwds en iemand nieuws, met en zonder een einde in zicht.
Influence of time on social preferences, in het Nederlands: hoe tijd bepaalt met wie je wilt omgaan. Het onderzoek uit 1999 van Carstensen en twee collega's in hetzelfde tijdschrift, met mensen in de Verenigde Staten en Hongkong. Ouderen die zich een langere toekomst voorstelden, kozen niet langer vooral het vertrouwde.
Het overzicht uit 2021 waarin Carstensen haar eigen onderzoek samenvat, verschenen in The Gerontologist, een Amerikaans tijdschrift over ouder worden. De verhuizing naar de andere kant van het land, de twintig extra jaren en de goede vriend als keuze staan daarin.
De regels over altijd ‘aan’ staan en het plezier van het missen komen uit De kracht van het missen, een kort script van mijzelf.